Atropa door NRC

NRC - Woensdag 23 november 2022

De waanzin van de oorlog is onontkoombaar

‘Achilles! Achilles! ACHILLES!’ Uitzinnig roept Ifigeneia (Thibaud Dooms) de naam van haar verloofde. Haar vader Agamemnon heeft haar verteld dat de Griekse held met haar zal trouwen, en ze verliest zichzelf in een extatische roes.

door: Marijn Lems

Niet alleen vanwege verliefdheid, maar ook vanwege de eer dat haar huwelijk als het startschot zal dienen voor een roemrijke veroveringstocht: de invasie van Troje, om de geschaakte Helena terug te halen. Wat ze echter niet weet is dat niet de liefde, maar de dood haar te wachten staat: de oorlog vereist een bloedoffer in plaats van een trouwfeest.

Het begin van Atropa, de nieuwe voorstelling van regisseurs Floor Houwink ten Cate en Naomi Velissariou, is verpletterend: naast de euforische Ifigeneia staat Helena zelf (Annelinde Bruijs) op het podium, en beklaagt zingend haar lot als de mooiste vrouw van Griekenland. De duistere stem van Bruijs maakt korte metten met het schrille meisjesgeluk naast haar; de bloedrode latex waarin de ontwerpers van MAISON the FAUX de Grieken hullen zijn een voorbode van de komende slachtpartijen; en de pompende beats van Joost Maaskant en Jimi Zoet sleuren je mee in een fysieke beleving van alle passie en pijn.

Troje Zolang muzikaliteit de boventoon voert in Atropa kruipt de voorstelling onder je huid. Als Bruijs zingt, of als Adanna Unigwe op een opzwepende trap beat over het noodlot van haar Troje rapt (‘geslacht en versmacht en verbrand en verkracht / geblakerd, verhangen, geknakt en verpacht’) is de waanzin van de oorlog onontkoombaar. En ook in sommige van de gesproken scènes komen de spelers en de muziek tot een spannende symbiose: vooral Dooms, Velissariou (als Klytaimnestra) en ‘Ntianu Stuger (als Kassandra) leggen genoeg dynamiek en waanzin in hun tekstbehandeling om recht te doen aan de rock-operateske insteek van de enscenering. Als Velissariou en Stuger later in het stuk tegenover elkaar staan levert dat adembenemend vuurwerk op.

Naarmate het stuk vordert verliest het stuk echter zijn oerkracht, omdat Houwink ten Cate en Velissariou steeds meer terugvallen op rechttoe-rechtaan psychologisch drama, in lange dialoogscènes waarin de muziek nog maar sporadisch een rol speelt. Daar ligt duidelijk hun kracht niet: in hun spelregie draaien de acteurs voorspelbare emotionele lijntjes af, die vanwege de overbekendheid van het Griekse bronmateriaal geen enkele verrassing bieden.

En zodra het spektakel van de aankleding en de muziek je niet meer omverwerpen, begint ook de ideeënarmoede van deze bewerking op te vallen. Tom Lanoye schreef Atropa in 2008 duidelijk in reactie op de War On Terror en de Tweede Golfoorlog: de ongelijke oorlog tussen Troje en Griekenland wordt herhaaldelijk als een ‘botsing der culturen’ gezien. De regisseurs proberen wel om de tekst naar de actualiteit te halen door alle Trojanen door zwarte actrices te laten spelen, en zo iets te zeggen over systemisch racisme en de omgang met het koloniale verleden, maar het is een holle geste: het script is duidelijk niet voor die metafoor gemaakt. Door de excessieve trouw aan een gedateerd stuk laten Houwink ten Cate en Velissariou zich te veel beknotten, en verzandt hun Atropa in een zoveelste hervertelling van het klassieke verhaal.

Bron: https://www.nrc.nl/nieuws/2022/11/23/opzwepende-rockopera-verzandt-in-hervertelling-van-klassiek-verhaal-a4149167