Volkskrant Magazine 2 juli 2026 | Door: Reinout Bongers
De Braziliaanse Carolina Bianchi is de afgelopen jaren uitgegroeid tot hét nieuwe theaterfenomeen, nadat ze haar publiek choqueerde door zichzelf te drogeren op het podium. Ze ‘schrijft om niet dood te gaan’, en dus staan haar favorieten bol van de (dode) schrijvers.
Het klinkt als een verschrikkelijke nachtmerrie voor acteurs: buiten bewustzijn raken op het toneel en pas weer wakker worden bij het slotapplaus – niet wetend wat er in de tussentijd is gebeurd. De Braziliaanse schrijver, acteur en theatermaker Carolina Bianchi (38) verbijsterde drie jaar geleden haar publiek, en eigenlijk de gehele theaterwereld, door aan het begin van haar voorstelling Chapter I: The Bride and The Goodnight Cinderella een cocktail van verdovende middelen in te nemen waardoor precies dat gebeurde.
Terwijl Bianchi bedwelmd op een matrasje lag, speelden haar collega-performers een bruut verkrachtingsverhaal na. Uiteindelijk kwam Bianchi, nog altijd buiten bewustzijn, op de motorkap van een auto terecht. Haar benen werden gespreid, en door middel van een ingebrachte camera keek het publiek mee hoe ze vaginaal werd onderzocht, zoals gebeurt na een verkrachting.
Deze ‘krachtige theaterdaad’, zoals ze het zelf noemde, was ingegeven door een andere waargebeurde nachtmerrie: in 2012 werd Bianchi na een feestje met collega-kunstenaars gedrogeerd en vervolgens verkracht. Wat volgde was een jarenlang artistiek onderzoek naar seksueel geweld en femicide, dat resulteerde in haar huiveringwekkende en adembenemende trilogie Cadela Força, wat vrij vertaald zoiets betekent als ‘bitch power’.
Bianchi, inmiddels woonachtig in Brussel en Amsterdam, reisde de afgelopen jaren als hét nieuwe theaterfenomeen de wereld over. Ze ontving lovende recensies, kreeg uitgebreide profielen in The Guardian en The New York Times en won op de Biënnale van Venetië een Zilveren Leeuw voor het tweede deel: The Brotherhood (2025).
Begin juli gaat A Cordial Light, het sluitstuk van de trilogie, in première op het prestigieuze theaterfestival van Avignon. Vervolgens zal ook de volledige trilogie in de Zuid-Franse stad te zien zijn; een tien uur durende trip met slechts twee pauzes van een half uur, die zowel van het publiek als van Bianchi het uiterste zal vragen.
Niet zo verwonderlijk dus dat Bianchi – zwart Adidaspak, diepzwart haar – deze zaterdagochtend enigszins gestrest is. In de Vlaamse Schouwburg in Brussel legt ze de laatste hand aan het derde deel. ‘I don’t have much time’, zijn haar eerste woorden terwijl ze de interviewer de bank aanbiedt, en zelf neerstrijkt op een houten stoel.
Wie weinig tijd heeft, komt graag ter zake. En dus doet Bianchi na een paar minuten al uit de doeken wat kunst volgens haar moet zijn. ‘Kunst is niet bedoeld om de wereld te redden, of om ons te vertellen hoe we ons moeten gedragen of voelen over bepaalde onderwerpen. Ik vind het belangrijk dat mijn kunst het publiek verontrust en hun gedachten en gevoelens in beweging brengt. Ik wil dat kunst complex en verwarrend is, een mysterie dat geen antwoorden biedt, maar vragen oproept.’
Een visie die goed zichtbaar was in The Brotherhood (2025), waarin ze niet alleen afrekende met de destructieve kracht van mannelijke bondgenootschappen, maar ook de aantrekkingskracht ervan onderzocht. In het vier uur durende schouwspel wisselen opzwepende dansscènes en essayistische monologen doorspekt met talloze referenties aan de kunst- en literatuurgeschiedenis elkaar af. Het zijn er teveel om op te noemen, maar een aantal hebben het als persoonlijke favoriet van Bianchi tot deze rubriek geschopt.
In een van de vele overrompelende scènes in The Brotherhoodinterviewt Bianchi op het podium een zogenaamd ‘geniale’ mannelijke regisseur, over zijn relaties met actrices en zijn gewelddadige ensceneringen van klassieke stukken. Hij presenteert zich als feminist, maar straalt in alles een onuitstaanbaar overwicht uit.
Het interview mondt uit in een seksscène op het podium, waarna hij zichzelf door het hoofd schiet, en hij door zeven rouwende mannen in een lijkenzak wordt opgehangen in het grid.
Tja, het is zo’n voorstelling die zich – en dat zijn vaak de indrukwekkendste – moeilijk laat vangen in woorden op papier. Gelukkig is The Brotherhood naar alle waarschijnlijkheid in september nog te zien op Het Nederlands Theaterfestival, als een van de beste tien voorstellingen van het afgelopen seizoen.
Bianchi ziet zichzelf in de eerste plaats als schrijver. In haar laatste voorstelling, naar eigen zeggen de minst spectaculaire van de drie, zet ze het schrijven zelf centraal. ‘Ik ben uitgekomen bij de kern van de trilogie: mijn diepe behoefte aan fictie. In taal is alles mogelijk en kunnen we onze eigen logica creëren, nieuwe werelden verbeelden.’
Hoewel Bianchi niet wil spreken over theater als therapie, draagt haar schrijverschap een bittere noodzaak in zich: ‘Het is als de opening van Moby Dick, van Herman Melville, waarin de verteller weet dat hij, als hij duistere gedachten krijgt, naar zee moet gaan. Schrijven is mijn zee. Om te dealen met alles wat zich binnen en buiten mij afspeelt, moet ik schrijven. Ik schrijf om niet dood te gaan.’
Plek: Universiteitsbibliotheek, Amsterdam
‘Ik hou van thuis zijn. Ik sta om zes uur ’s ochtends op om te schrijven, daarna ga ik lezen. Maar na mijn huis is de openbare bibliotheek mijn favoriete plek om te schrijven en onderzoek te doen. Ik kom er nu iets minder vaak dan tijdens mijn master aan DASarts. Ik heb niet zozeer een favoriete bibliotheek, maar de nieuwe universiteitsbibliotheek van Amsterdam vind ik erg mooi.’
‘Ik ben veel op reis, en als ik in een nieuwe stad kom, zoek ik altijd als eerste op waar de bibliotheken zijn. De openbare bibliotheken in Parijs zijn ook echt een aanrader. Ik hou van de collectieve stilte die er hangt: we zijn met z’n allen aan het werk. De boeken in een bibliotheek zijn voor mij niet slechts decor. Als ik onderzoek doe, speur ik echt de rekken af op zoek naar bruikbaar materiaal.’
Begraafplaats: Père Lachaise, Parijs
‘Ik wandel heel graag over de begraafplaats Père Lachaise in Parijs. Ik hou van de sfeer die hangt op begraafplaatsen in het algemeen. Het is een soort gewichtige stilte, waarin je de geschiedenis kunt voelen. Op Père Lachaise liggen zoveel geweldige schrijvers van wie ik idolaat ben.’
‘Door daar rond te lopen voel je de onsterfelijkheid van die schrijvers. Hun geesten waren nog altijd rond door de kunsten vandaag de dag, en ook in mijn werk. Ik werk veel met referenties aan overleden schrijvers, en altijd als ik ze verwerk in mijn voorstellingen, voelen ze dichtbij, haast levend.’
Dichter: Emily Dickinson
‘Emily Dickinson is misschien wel mijn favoriete schrijver, en mogelijk de grootste dichter die ooit op aarde heeft rondgelopen. Haar gedichten hebben mijn leven veranderd. Ze zitten vol mysterie. Ze schrijft vrijuit over de dood en ze is net als ik gefascineerd door seksualiteit. Hoe ze schrijft over de natuur, het is zo mooi, maar ook zo gewelddadig.
‘Emily zal op het toneel aanwezig zijn tijdens het derde deel van de trilogie. Ik voer haar op als een alter ego. We zullen wat gedichten van haar quoten in de show. Ik zeg liever niet welke, dat moet een verrassing blijven.’
Roman: 2666 van Roberto Bolaño (2010)
‘Ik praat eigenlijk liever over schrijvers dan over hun werken, maar als ik dan toch een roman zou moeten kiezen, dan deze: 2666, van de Chileense schrijver Roberto Bolaño, ook iemand die aan de lopende band wordt aangehaald in de trilogie.’
‘2666 is een gigantisch boek dat bestaat uit vijf delen, elk met een ander verhaal op een andere plek, in een andere tijd. De verhaallijnen komen losjes samen in een Mexicaans stadje Santa Teresa, waar heel veel vrouwen op mysterieuze wijze zijn vermoord, verkracht en verminkt.
‘Bolaño onderzoekt in zijn oeuvre, en ook in dit boek, op een prachtige manier hoe literatuur en het kwaad met elkaar verbonden zijn. Hij was geobsedeerd door hoe geweld werkt, maar wat zijn werk zo goed maakt, is dat hij zich ook afvraagt waar die obsessie vandaan komt, en hoe die in zijn kunst tot uiting komt. Daarnaast schrijft hij als een echte poëet.’
Film: Possession (1981)
‘Het was een schok voor mij hoe een film over een koppel dat uit elkaar gaat, zó gewelddadig kan zijn. Het verhaal begint heel simpel, met een vrouw die vreemdgaat en het vervolgens uitmaakt met haar vriend. Maar het wordt steeds grimmiger, geheimzinniger en gewelddadiger. Zo blijkt ze samen te wonen, en ook te seksen, met een octopusachtig monster.
‘Filmmaker Andrzej Zulawski voelt voor mij als een evil twin. Een kunstenaar met eenzelfde drang om de esthetiek van geweld te vangen, te onderzoeken. Ik geloof dat geweld ons mateloos kan boeien, als het op een esthetische, poëtische manier tot ons komt.
‘Het is nooit mijn doel om het publiek te shockeren. Ik behandel thema’s die gaan over leven en dood, en om die telkens met open blik opnieuw tegen het licht te houden en te verdiepen, is het simpelweg nodig om ze in al hun echtheid op het toneel te zetten.’
Toneelschrijver: Sarah Kane
‘The Brotherhood, het tweede deel van de trilogie, eindigde met een ode aan Sarah Kane. Voor mij is zij een van de belangrijkste toneelschrijvers van de vorige eeuw. Ik leerde haar werk kennen op mijn 18de. Ik was net begonnen met mijn studie toen ik haar toneelstuk Crave las. Het was haar voorlaatste toneelstuk, voordat ze een jaar later zelfmoord pleegde.’
‘Crave heeft geen traditioneel lineair plot, het leest meer als een gedicht waarin vier personages hun destructieve en obsessieve gedachten uitspreken. Ik weet nog dat ik vooral de klank en het ritme van de taal zo verontrustend vond. Ik kan het niet beter uitleggen dan dit. Je moet de tekst lezen om te begrijpen wat ik bedoel.’
Dichter: Laura Vazquez
‘Laura Vazquez is een geweldige Franse dichter. Ik zag haar laatst voordragen uit eigen werk, dat was een van de mooiste dingen die ik de afgelopen tijd zag. Ik weet niet of ze al vertaald is in het Nederlands, maar ik lees de laatste tijd steeds meer in het Frans. Als je die taal machtig bent, zou ik haar boeken onwijs aanraden.’
Helaas zijn de boeken van Vazquez inderdaad nog niet vertaald in het Nederlands. Wel staat op YouTube een 50 minuten durende registratie van een optreden van Vazquez, waarin ze voordraagt uit haar meest recente werk Les Forces, een boek op het snijvlak van roman, poëziebundel en essay.
‘Poëzie is de meest pure kunstvorm omdat goede dichters met extreem weinig woorden de essentie van iets kunnen vangen. Het is me zelf nog niet gelukt op de manier die ik zou willen. Misschien in de toekomst.’